Hoe heetten die historische figuren nou echt?

Lastig bij het schrijven van een historische roman zijn de uiteenlopende manieren waarop auteurs van bronnenmateriaal de namen van personen vertalen en translitereren. Moet je net de val van Constantinopel als onderwerp hebben, een geschiedenis waarin Grieken, Italianen, Turken, Serviërs, Hongaren, Albanezen en een handvol Catalanen de hoofdrol spelen.

In de introducties van veel geschiedenisboeken verontschuldigen de auteurs zich uitvoerig voor het “niet consequent vertalen” van de persoonsnamen. Het is dan ook een ondoenlijke klus. De spelling van persoons- en eigennamen verandert per taal, tijd en traditie.

Val van Constantinopel

 De val van Constantinopel zoals te zien in het Panorama 1453 in Istanbul

Zo zijn de door mij veel gebruikte Engelstalige auteurs dol op de naam “George”. De Griekse naam Georgios wordt op die manier vertaald, maar ook Gjergj, de voornaam van de beroemde Albanese leider Skanderbeg. Servische vorsten zijn evenmin veilig voor deze verengelsing. Kun je je bij Georgios en Gjergj nog voorstellen dat ze worden vertaald als George, bij de Servische Durad moet je wel erg je best doen.

De reden is dat George, Durad en Gjergj allemaal zijn afgeleid van het Griekse Georgios. Bij andere namen is de keuze ogenschijnlijk willekeuriger. De Turkse naam Mehmed (een verbastering van Mohammed) eindigt in het ene boek met een ‘d’, in een andere met een ‘t’. De ene spelling is schijnbaar moderner dan de andere. De Hongaarse koning Ladislas heet soms ineens Ladislaus en Alexios wordt bij tijd en wijle Alexis. De bronnen komen er zelf ook niet altijd uit en zetten dan alle mogelijke spellingen gewoon achter elkaar, zoals bij de Venetiaanse kapitein Alvise Diedo, alias Aloixe alias Ludovico. Die in een ander boek weer Aluvixe heet.

Het gevolg is dat je soms denkt dat er twee personen zijn waar er maar één is. Tot je ontdekt dat Durad toch echt dezelfde is als George. En dat Ludovico en Aluvixe geen neven van elkaar zijn, maar verschillende spellingswijzen van één naam.

Wat klinkt het lekkerst?

De vraag die voor mij relevant is: welke spelling hanteer ik zelf? Daarvoor gebruik ik de wetenschappelijk totaal onverantwoorde methodes “Wat klinkt het lekkerst” en “Wat ziet er beter uit?” Zo vind ik Ladislas mooier dan Ladislaus. Mehmed met een ‘d’ ziet er voor mij aantrekkelijker uit dan Mehmet met een ‘t’. Makes sense? Neuh. Maar schrijven is deels emotie. Zo vind mijn vriendin juist dat het wél Mehmet moet zijn, met een ‘t’ dus. Wees niet verbaasd als het in het uiteindelijke verhaal weer anders is.

Over de naam van de hoofdpersoon bestaat echter geen twijfel. Konstantinos Dragases Palaiologos klinkt indrukwekkend, maar net zoals de Engelstalige bronnen hem consequent Constantine noemen, zal hij bij mij Constantijn heten. Klinkt de meeste Nederlanders bekend in de oren vanwege ons koningshuis. Doe ik eigenlijk hetzelfde als die Engelstaligen: lekker makkelijk naar je eigen taal omzetten.

En de beste vriend van de hoofdpersoon, met roepnaam Georgios? Die noem ik dan weer gewoon Georgios. Ook bij mij is de logica ver te zoeken.

Dit is de eerste in een serie onregelmatig verschijnende blogposts over mijn persoonlijke schrijfproject: een historische roman over de val van Constantinopel in 1453.